Het wordt tijd om het label Dutch Dance in de markt te zetten

20.10.2012

 

Gisteren werd tijdens het Amsterdam Dance Event de DJ top 100 2012 bekend gemaakt. Armin van Buuren staat op de eerste plaats. Een plek waar hij met uitzondering van 2011 sinds 2007 heeft gestaan.

Nederland scoort op dancegebied zeer hoog. Is wereldwijd zelfs toonaangevend en het is dus ook niet vreemd dat het product dance een Nederlands exportproduct bij uitstek is geworden. Big Business dus. En uiteraard vermaak.  Meestal wordt bij export meer aan ‘traditionelere producten’ gedacht.

Toen het Ministerie van EL&I een paar jaar geleden voor Nederland 9 topsectoren benoemde – sectoren waarin we als land nu al goed zijn en naar verwachting ook goed kunnen blijven, mits we maar zorgvuldig blijven investeren  en innovaties binnen die sectoren stimuleren – stond in dat rijtje ook de Creatieve Industrie. Dat verraste velen.

Om de topsectoren even weer in herinnering te brengen: Tuinbouw en uitgangsmaterialen, agri&food, water, life sciences & health, chemie, high tech, energie, logistiek en als laatste van dat rijtje de creatieve industrie.

Naast oer-Hollandse producten en staaltjes van high tech en technisch vernuft stond daar ineens een productgroep die bovenal met kunst en cultuur werd geassocieerd en veel minder met commerciële dienstverlening. Maar om de sector even scherper te positioneren, ook games, apps, social media, broadcasting, augmented reality, etcetera, allemaal begrippen die sinds enkele jaren tot ons dagelijks taalgebruik zijn gaan behoren, zijn producten en diensten die ook onder de creatieve industrie vallen. Zo ook dance.

Even wat cijfers om een beter beeld van de dance sector te krijgen. In 2011 waren in Nederland ruim 120 grote events die samen goed waren voor 1,5 miljoen bezoekers.  Buma Stemra concludeert op grond van door haar uitgezet onderzoek dat alleen al in Nederland jaarlijks ruim een half miljard euro in de sector om gaat. En dat de omzet van grote events (tenminste 3000 bezoekers) de afgelopen 10 jaar met 70% is gegroeid. Met enige voorzichtigheid wordt voor de wereldwijde dance sector een bedrag van 2.7 miljard euro genoemd. Nederland heeft dus al een aanzienlijk aandeel van de wereldwijde koek op haar bordje liggen. En deze koek zal alleen maar groter worden, dance wint nog steeds enorm aan populariteit.

En vergeet ook niet de spin off : Neem deze dagen Amsterdam, waar het vijfdaagse Amsterdam Dance Event (ADE) wordt georganiseerd. Goed voor zo’n 200.000 bezoekers uit binnen en buitenland. Het NOS journaal meldde woensdag al dat er geen kamer meer is te krijgen in Amsterdam. En dat beeld klopt nog steeds voor dit weekend. Booking.com heeft voor vandaag nog een paar kamertjes on line staan, maar daarvoor moet je wel een bedrag van 300 euro of meer neerleggen.

Als al die bezoekers gemiddeld  ‘slechts’  200 euro tijdens hun verblijf in Amsterdam uitgeven, hebben we het al over 40 miljoen aan extra inkomsten voor de stad zelf.  Maar het leven in Amsterdam is leuk, 300 euro is ook geen raar gemiddelde en in dat geval loopt dan loopt de teller al gauw naar de 60 miljoen.

En kijk naar de rankings: in de DJ top 100, die jaarlijk door het Britse blad DJ MAG wordt uitgebracht staan alleen al in de top 10 van 2012, vijf nederlanders: Het zijn de Nederlandse DJ’s die de dance sector bepalen en op de grote internationale podia staan.

Wel flauw overigens dat DJ MAG in haar ranking niet de nationaliteit van de DJ’s weergeeft. Je zou bijna gaan denken dat het nog steeds een klein beetje steekt dat Engeland niet meer de hoofdrol binnen de popcultuur speelt. Amerika doet trouwens ook amper mee als het om dance gaat en kijkt wat dat betreft enorm tegen Nederland op.

We hebben als klein kikkerlandje dus al twee bijzondere Nederlandse export producten vallend onder de noemer van de creatieve industrie te pakken, Dutch Design, dat waren we al zo trots op, en we kunnen daar nu ook Dutch Dance aan  toevoegen.